groep 6 · Delen
Hoeveel groepjes zijn er?
▸ Laat de uitleg zien ▾ Zo reken je het uit
- Happen: hoe vaak past 3 in 45?
- 10 × 3 = 30, er blijft 15 over
- 5 × 3 = 15, er blijft 0 over
- Tel de happen op: 10 + 5 = 15
Groep 6, 7 en 8
Delen begint met de deeltafels en gaat in groep 7 en 8 over op grotere deelsommen, met en zonder rest. In een verhaaltje moet je ook bedenken wat je met de rest doet.
Wanneer iets in de klas aan bod komt, is ongeveer: we gaan uit van de rekenmethode Pluspunt, en elke school plant anders. In groep 8 staat alles open, met het oog op de doorstroomtoets.
Delen is terugrekenen met de tafels: 63 : 7 = 9, omdat 9 × 7 = 63. Met nullen gaat het net zo: 6300 : 70 = 90.
Bij grotere sommen hap je: je haalt er steeds een groot, makkelijk stuk af. 1155 : 15? Tien keer 15 is 150, dus 70 keer is 1050. Er blijft 105 over, en dat is 7 keer 15. Samen 70 + 7 = 77.
Bij delen met rest blijft er iets over: 26 : 5 = 5 rest 1. In een verhaaltje hangt het antwoord van de vraag af. Moeten 102 leerlingen met een boot waar er 8 in passen, dan is 12 keer te weinig: de boot moet 13 keer varen.
Echte sommen uit Reken Maar Raak. Probeer ze eerst zelf, en kijk dan naar de uitleg.
groep 6 · Delen
groep 8 · Delen
groep 7 · Delen met rest
5 sommen delen, van makkelijk naar moeilijker, met na elke som de uitleg. Zonder account. In welke groep zit je kind?
Liever alles door elkaar, op papier? Print een proeftoets. Of lees hoe Reken Maar Raak werkt.